Tokyo calling met Adrie Berk

Adrie Berk over het olympische kwalificatietraject van de mixed teamrelay

Tokyo 2020 lijkt nog ver weg, maar in mei is de kwalificatie voor deelname aan de Oympische Spelen alweer begonnen. Transition houdt je op de hoogte van de voorbereidingen. We belden met technisch directeur Adrie Berk over het nieuwe medaille-event; de mixed-teamrelay.

 

Vorig jaar in juni werd bekend dat de mixed-teamrelay in Tokio, na een intensieve lobby van de internationale triathlonbond ITU,  voor het eerst deel uit gaat maken van het olympische programma.

TS: Hoe belangrijk is dat voor de sport?

AB: “We zijn er heel erg blij mee. Het is een extra medal-event, dus dat betekent extra aandacht voor de triathlonsport en dat is natuurlijk altijd goed. De teamrelay is een schitterend evenement. Niet alleen om te beleven als sporter, maar ook om naar te kijken. Het is een spectaculair, moeilijk te voorspellen onderdeel, met veel snelheid, wissels en positieveranderingen. Dat maakt het extra spannend.”

TS: Het betekent ook dat Nederland de kans heeft om meer atleten naar Tokio af te vaardigen.

AB: “Dat is een mooie bijkomstigheid inderdaad. Het kan voor jonge atleten voor wie de lat om zich individueel te kwalificeren net iets te hoog ligt, een extra motivatie zijn. De gemiddelde leeftijd van triatleten die meedoen aan de Olympische Spelen is 28,5. Het is een zeldzaamheid dat iemand – zoals Maaike Caelers en Rachel Klamer in 2012 deden – zich op 21-jarige leeftijd weet te plaatsen. Dat wordt nu door de toevoeging van de teamrelay iets makkelijker.”

TS: Nederland maakte in 2017 indruk met een derde plaats op het WK in Hamburg. Was dat ingecalculeerd of een verrassing?

AB: “Die bronzen plak kwam voor iedereen als een verrassing, zowel voor de coaches als de atleten. We kozen in Hamburg voor een meer risicovolle startvolgorde die in ons voordeel werkte. Als je op veilig speelt, start je met je sterkste atlete, maar wij hadden voldoende vertrouwen in Maaike – die net terug kwam vanuit een blessurevol jaar en nog weinig geracet had – en dat pakte heel goed uit. Al speelt geluk ook een rol. Het was een paar keer een dubbeltje op z’n kant, dat voor ons gelukkig telkens de goede kant opviel.”

TS: Met een bronzen plak op zak lijkt kwalificatie dus reëel?

AB: “Nederland is een early adapter als het gaat om de teamrelay. Dat zit een beetje in de Nederlandse sportcultuur, we zijn gefocust op nieuwe ontwikkelingen. We wisten dat het er aan zat te komen, dus zijn we meteen serieus aandacht aan de teamrelay gaan besteden. We hebben de afgelopen jaren steeds meegedaan aan EK’s en WK’s en dat heeft z’n vruchten inmiddels afgeworpen. En niet alleen in de vorm van een bronzen medaille. We hebben ook belangrijke punten verzameld en mogen aan alle teamrelays meedoen, terwijl landen die later zijn ingesprongen, zoals België en Rusland, moeite hebben om er tussen te komen. Voor Nottingham, Hamburg en Edmonton zijn er al wachtlijsten. Het maakt kwalificatie voor die landen dus iets moeilijker en dat is weer in ons voordeel.”

TS: Wat zijn de kwalificatie-eisen voor de teamrelay?

AB: “Er mogen maar elf ploegen, plus gastland Tokio, meedoen aan de mixed-teamrelay. De beste zeven landen op de olympische kwalificatieranking per 31 maart 2020 plaatsen zich. De overige drie plaatsen – gastland Japan krijgt automatisch een startplek – worden tussen 1 april en 11 mei 2020 verdeeld. Naast dat we ons als land moeten kwalificeren, moeten de atleten ook nog een plaats bij de eerste 140 op de individuele – niet geschoonde – olympische ranking hebben veilig gesteld. Minimaal twee mannen en twee vrouwen is pure noodzaak, maar optimaler zou zijn als er drie á vier mannen en vrouwen binnen de top 140 van de individuele olympische ranking staan per mei 2020.”

TS: Hoe ziet het traject naar Tokio er uit?

AB: “Er kunnen de komende twee jaar punten voor de ranglijst verdiend worden in de ITU Mixed Relay Series-wedstrijden, zoals voor 2018 in Nottingham, Hamburg en Edmonton, in het olympische testevent in Tokio en tijdens wereld- en Europese kampioenschappen in Glasgow 2018 en Weert 2019. De beste vijf resultaten (maximaal drie vanuit het eerste jaar en maximaal drie vanuit het tweede jaar) tellen mee voor de olympische ranking. Daarnaast is de individuele ranking van atleten belangrijk, omdat we alleen als team kunnen meedoen met atleten die binnen de top 140 staan van de individuele olympische kwalificatie ranking. Omdat wij niet, zoals bijvoorbeeld Groot Brittannië, de luxe hebben dat we uit zes tot tien atleten kunnen kiezen, gaan we voor iedere atleet een afzonderlijk traject op stellen zodat zij de meeste kans hebben aan die individuele kwalificatie-eisen te voldoen.”

TS: Hoe groot is de rol van de tactiek in de teamrealy?

AB: “Heel belangrijk. Wat we de afgelopen tijd in ieder geval geleerd hebben is dat als je eenmaal op achterstand ligt, je niet meer terugkomt in de race. De gelosten, zijn gelost. De teamopstelling is dus heel belangrijk. Sander (Adrie’s zoon die als coach en wetenschapper isverbonden aan de NTB, red) is al enige tijd aan het onderzoeken wat de teamopstelling van alle landen gevolgen heeft voor de uiteindelijke uitslag. Weinig landen hebben nu al vier atleten zonder een zwakker onderdeel. Heb je een man met een minder looponderdeel gevolgd door een vrouw die dit niet met zwemmen kan compenseren, dan kan dat al een breekmoment zijn. Daarnaast zijn er ook atleten die in een teamrelay tot een hoger niveau komen dan in een individuele wedstrijd. Dat zie je tijdens de zwemestafettes op grote toernooien en dat komen we ook tegen in de mixed teamrelay. De individuele competenties, als ook karakter eigenschappen zullen we meenemen in onze teamopstelling.”

TS: Wat is de rol van de teamrelay-dagen, die in Sportzone Limburg gehouden worden, in dit geheel?

“De teamrelay is belangrijk voor ons. Door een goed programma uit te stippelen, denken we dat we het niveau van de triathlon in Nederland naar een hoger plan kunnen brengen. Maar als we in de toekomst een rol van betekenis willen blijven spelen in de teamrelay, zullen we de top moeten verbreden, zodat we uit meer atleten kunnen kiezen. Gelukkig zien we bij de vrouwen dat er per 1 mei vier vrouwen in de top 100 staan en dat Maya Kingma en Kirsten Nuyes een goede ontwikkeling doormaken. Bij de mannen is er meer werk aan de winkel. Door het houden van de teamrelay-dagen willen we inventariseren wie er mogelijk in aanmerking komen voor de teamrelay  op het EK junioren en elite, WK onder 23 en WK studenten, zodat we in de toekomst een grotere vijver hebben om uit te vissen.”

Nederlandse Triathlon Bond
Lees volgend artikel

Genomineerden sportverkiezingen bekend

De genomineerden voor de Sportverkiezing van het Jaar 2018 zijn bekend. Leden van de NTB hebben de afgelopen weken kandidaten voorgedragen en de bond heeft samen met een vakjury ... Lees meer